dronevluchten in CTR's van Eelde, Lelystad, mAASTRICHT, Rotterdam en Schiphol
In Nederland wordt het vliegen met een drone gezien als een VFR-vlucht. Aan VFR-vluchten zijn bepaalde wettelijke eisen gesteld. Als je met je drone in een CTR vliegt, heb je daarom een een klaring nodig van de torenverkeersleider. Ook moet je een vliegplan indienen en geldt de verplichting van tweezijdig radiocontact (RTF).
Vliegplan via GoDrone
Door een missie te plannen in GoDrone voldoe je aan de verplichting om een vliegplan in te dienen. Bovendien kun je bij de opmerkingen in GoDrone je beoogde callsign doorgeven. Je callsign is een samenvoeging van:
- Unmanned, plus
- een logisch acroniem van de bedrijfsnaam
Stel dat Dutch Drone Organisation een callsign kiest, dan wordt het Unmanned DDO.
Voor het vliegplan via GoDrone gelden de volgende regels:
- Je dient voor elke reeks aaneengesloten vluchten binnen één vlieggebied een vliegplan (missieplan) in via GoDrone binnen de vereiste aanvraagtermijn in de CTR (zie hieronder). Bij meerdere vlieggebieden: per vlieggebied één vliegplan.
- Zodra de drone tussen twee vluchten landt voor een periode van meer dan 60 minuten (binnen één vlieggebied), worden de twee opeenvolgende vluchten beschouwd als twee onafhankelijke vluchten. In dat geval moet je voor beide vluchten een vliegplan (missieplan) indienen en een klaring vragen.
Aanvraagprocedure dronevluchten in de CTR's van Eelde, Lelystad, Maastricht, Rotterdam en Schiphol
Met ingang van 20 mei 2026 1700 LT geldt de volgende aanvraagprocedure voor dronemissies:
- Dien je missieplan in via GoDrone en vraag tenminste twee dagen voor aanvang van de vlucht, uiterlijk om 1000 LT, voorlopige toestemming aan bij de Operationele Helpdesk.
- Twee dagen voor de dronemissie, uiterlijk om 1500 LT, ontvang je bericht als het maximumaantal dronevluchten in het aangevraagde tijdvak is bereikt, met het verzoek om de tijden aan te passen.
- Eén werkdag voor je dronemissie, om 1000 LT, moeten de definitieve tijden via GoDrone zijn ingediend.
Voorlopige toestemming en klaring
- De Operationele Helpdesk stemt je missieplan af met de verkeerstoren en geeft een voorlopige toestemming door, afhankelijk van de situatie.
NB In geval van een dronemissie in de Rotterdam CTR ontvang je de voorlopige toestemming één werkdag van tevoren, uiterlijk om 1500 LT.
- De uiteindelijke toestemming om te mogen vliegen (klaring) wordt gegeven door de torenverkeersleider.
- LVNL kan een maximum instellen voor het aantal gelijktijdige dronevluchten binnen een CTR.
- Als dit maximum is bereikt, wordt geen voorlopige toestemming verleend.
- De torenverkeersleider kan om veiligheidsredenen een klaring weigeren of intrekken.
Vluchtuitvoering
- Je voert de vlucht uit onder zichtvliegvoorschriften (VFR).
- Special VFR is binnen UDP toegestaan, maar daar heb je wel een klaring voor nodig.
- De vlucht blijft binnen het door het vlieggebied dat door de Operationele Helpdesk is toegestaan. Stel hiervoor een geocage in die overeenkomt met het toegestane vlieggebied. Test de geocage voorafgaand aan de vlucht op de grond. Je mag alleen een vluchtklaring aanvragen bij de torenverkeersleiding als de geocage goed werkt.
- Tweezijdig radiocontact is verplicht. We raden je daarbij een antenne van 10 m aan, voor de kwaliteit van het signaal vanaf lage hoogte.
- Als je tijdens de vlucht merkt dat tweezijdig radiocontact niet langer mogelijk is, dan beëindig je direct de vlucht en bel je de Operationele Helpdesk (of Amsterdam Flight Service Centre buiten openingstijden van de Operationele Helpdesk) om de vlucht af te melden.